Afgelopen week zijn we er weer veelvuldig mee geconfronteerd: cultuur. Bij het aftreden van minister Kaag en het aanvankelijk aanblijven van minister Bijleveld, werd de grens getrokken tussen de "nieuwe" en "oude" bestuurscultuur.
Alsof je met een lineaal een strakke lijn tussen het ene en het andere begrip kan trekken. Zo wordt de wereld natuurlijk ook erg overzichtelijk en dat vinden we blijkbaar prettig.
Maar iedereen die zich iets verder in dit soort processen verdiept, weet ook dat de werkelijkheid vele malen weerbarstiger is. We zijn allen een verwarrende mix van oud en nieuw, waarbij de één iets harder de boodschap van vernieuwing uitdraagt en de ander het liever allemaal bij het oude laat (en dan opeens toch heel vernieuwend uit de hoek kan komen).
Afgelopen week bezocht ik een zorgboerderij waar een groep bewoners van één van onze verpleeginrichtingen, rondliep. Een initiatief dat van begin af aan helemaal is voortgekomen uit enkelen van de werkvloer zelf. Er is geen stafmedewerker, geen manager en geen bestuurder aan te pas gekomen. Het was hun idee en ze hebben het zelf handen en voeten gegeven.
Het heeft enkele maanden voorbereiding gekost, maar nu liepen ze hier dan rond. Tussen de kippen, de varkens, de geiten en door de moestuin. Het mooie is, vele van onze bewoners zijn zelf boer of boerin geweest of zijn op de boerderij opgegroeid. De omgeving past hen dus als een oude jas. En zo liepen ze er ook bij: glimmend, vol aandacht en vol verhalen.
De medewerkers werden volop geholpen door de kinderen (meestal de dochters) van deze bewoners. Glimlachend, genietend en als vanzelfsprekend aanwezig om te ondersteunen.
Maar nu moet het verder, want de initiatiefnemers willen dat deze wijze van werken (met bewoners naar de boerderij) door alle collega's wordt gedragen, zodat het onderdeel wordt van onze routine.
Dit is de spannende uitdaging: lukt het om de andere afdelingen ook mee te krijgen en de organisatie rond te maken. Lukt het om deze beweging van onderaf tot een brede beweging te maken, als een steen die in het water gegooid steeds bredere kringen veroorzaakt? Lukt het ons als organisatie om dit te integreren in ons DNA, zodat het een vanzelfsprekendheid wordt?
Dan bedoel ik nog niet eens de gang naar de zorgboerderij (hoe geweldig ook), maar het werken vanuit het standpunt van onze bewoners? Het bedenken wat voor hen zinvol is als resultaat van dialoog met bewoner en familie?
Dat heeft niets te maken met "oude" of "nieuwe" cultuur, maar werken vanuit het standpunt dat hierin belangrijk is: de bewoner. Het centraal zetten van die ander, die van jou afhankelijk is.
Compassie.
Zou dat in Den Haag helpen? Om los te komen van die discussie over "oud" en "nieuw", maar in plaats hiervan dat te doen waar politiek voor bedoeld is: de burger centraal te stellen? En dan met name, die kwetsbare burger?
Zou compassie helpen?