dinsdag 10 december 2019
Over die vlinder ...
Ons zorgstelsel kent nogal wat zijpaden, dwaalwegen en doodlopende steegjes. Je vraagt je soms af hoe we dit allemaal bij elkaar hebben verzonnen. Tegelijkertijd slaat de schrik mij om het hart als iemand weer eens begint te roepen dat er nodig een stelselwijziging moet worden doorgevoerd. Het is natuurlijk een prachtige droom, een zorgstelsel dat en toegankelijk, solidair en rechtvaardig is, transparant en dan ook nog eens betaalbaar en het liefst zo dat we er een overzichtelijk landschap van hebben gemaakt.
Er is één probleem.
We zijn Nederlanders.
We zijn gek op regelen en dat is dan ook wat we het liefste doen: alles moet geregeld zijn en voor iedere situatie hebben we een oplossing. En, o ja, dan zijn er nog de uitzonderingen en de noodsituaties en dan verschijnt er weer een artikel in een dagblad over een nare escalatie...Dan gaan we het regelen en zo plamuren we de boel weer helemaal dicht.
Onontkoombaar.
Het zit in onze genen.
En laten we eerlijk zijn: we vinden het heerlijk, dat alles zo geregeld is. Dat we zoveel zekerheid hebben over willekeurig welk onderwerp dan ook.
Misschien is het wel een probleem dat onze samenleving steeds complexer wordt en dat regels voor het ene, steeds meer ingrijpen op het andere en dat het steeds moeilijker wordt om iets geregeld te krijgen.
Zo was er ooit de theorie over die vlinder die van een blad weg dwarrelt, ergens in Japan en dat deze beweging uiteindelijk een orkaan veroorzaakt aan de kust van Florida. Niet voor niets werd deze theorie de chaostheorie genoemd. En zie dat maar eens geregeld te krijgen.
Is dan alles chaos?
Dat is volgens mij niet waar deze theorie over gaat. Maar wel hoe vanuit schijnbare chaos toch systemen te ontdekken zijn. Ze ontstaan en kunnen ook weer veranderen. Want tja, heb je net die vlinder en alle effecten van haar vlucht in kaart gebracht, wordt zo'n beestje opeens opgegeten door een hongerige spreeuw. Kun je weer helemaal overnieuw beginnen.
Geen beginnen aan.
Wij proberen echter onverdroten om systemen zo te bedenken, dat ze altijd en overal toepasbaar zijn.
Dat systemen ooit bedacht zijn als model van de complexe werkelijkheid en dat ze dus nooit de werkelijkheid kunnen vervangen. We weten het. Echt. Maar we vinden dit een erg ongemakkelijke wetenschap die we toch maar liever vergeten.
Terug naar ons zorgstelsel.
De kosten lopen uit de hand en zullen moeten worden beteugeld. Eén van de dingen die we hebben bedacht is dat we de zorg en het zorglandschap een markt zijn gaan noemen. Wel een beetje vreemde markt: niet de klant bepaalt, maar de financier. In dit geval, de zorgverzekeraar en de overheid.
Ik weet het, wij betalen de premie en kiezen onze zorgverzekeraar. Maar ik moet de eerste premiebetaler nog tegenkomen die het gevoel heeft invloed te hebben op het inkoopbeleid van de zorgverzekeraar. Sterker, ik zie in de media vooral boze gebruikers voorbij komen die klagen over de macht van deze instituten en het gevoel dat het vooral schadeverzekeraars zijn: het draait om statistiek en risicobeheersing.
Ben ik dan zo tegen zorgverzekeraars? Zeker niet, feit is dat we de kosten veel beter in de hand hebben sinds we de ziekenfondsen hebben afgeschaft; dat de premies betaalbaar zijn gebleven en dat we nog altijd een heel redelijke kwaliteit hebben als we het over zorg hebben.
Maar goed.
In deze markt kopen de zorgverzekeraars dus zorg in bij zorginstellingen. In de beeldvorming wordt gesproken over "onderhandeling" en "afspraken maken", de botte praktijk is dat het een eenzijdig gebeuren is, waarbij de zorgverzekeraar bepaalt hoe of wat. Ik ben bestuurder van een kleine zorginstelling: nog nooit is door een zorgverzekeraar met mij een onderhandeling over wat dan ook gevoerd. Het zijn dictaten.
Wil ik zorg leveren, dan zal ik moeten tekenen.
Bij het kruisje.
Met enige regelmaat staat ergens boven het kruisje dat de verzekeraar een zorgplafond met mij afspreekt. Dit betekent dat de verzekeraar tegen mij zegt dat hij tot een bepaald bedrag wil betalen voor de zorg die ik aan zijn premiebetaler lever. Wordt de zorg, om welke reden dan ook, duurder, dan stopt de betaling.
Vanaf dat moment moeten we de zorg zelf betalen en dat loopt lekker op.
Wat is de rationele achter dit wonderlijke marktmechanisme? Kostenbeheersing. De redenatie is als volgt: de zorgverzekeraar koopt een bepaald volume aan zorg in. Op basis van statistiek is bepaald dat dit voldoende moet zijn. Dit volume verdeelt ze over zorginstellingen en daarmee is het plafond ook bepaald. Als ik meer zorg lever dan is "afgesproken", dan zegt de zorgverzekeraar: het totale volume in de regio is voldoende. Ik hoef niet op te plussen.
Nu zou ik kunnen zeggen tegen de betreffende cliënt: ik krijg geen geld meer, dus u moet op zoek naar een andere zorgaanbieder die nog voldoende ruimte heeft. Er zijn twee redenen dat dit niet gebeurt:
1) ik wil dit niet: ik vind het onbestaanbaar dat we een client die ons kent en van ons zorg verwacht, halverwege de rit aan haar lot moeten overlaten, maar ook:
2) ik mag het niet want, dat staat in de kleine lettertjes van onze "afspraak": ik heb een doorleverplicht bij clienten die al in zorg zijn, ook als het zorgplafond bereikt is.
Zou een dergelijk mechanisme incidenteel voorkomen, dan zou ik ze vooral wonderlijk noemen. Juist omdat de zorgzwaarte van de thuiswonende oudere enorm toeneemt en de beschreven situatie veel vaker regel dan uitzondering is, noem ik ze waanzin.
Immers, ik krijg niet betaald voor de geleverde zorg. Ik moet dit uit eigen middelen financieren. Van deze extra kosten zou ik gemakkelijk op jaarbasis een extra zorgmedewerker aan werk kunnen helpen.
Maar ja, die vlinder he? We hadden nu juist zo mooi bedacht hoe we die storm in Florida konden voorkomen. Blijken er opeens honderden vlinders op te stijgen in plaats van die ene...
dinsdag 3 december 2019
Zusterflat
![]() |
| sloop zusterflat |
Ik werd echter afgelopen periode ook wel stevig met beide benen op de grond gezet, toen ik, vanuit de gemeentelijke statistieken het volgende overzicht onder ogen kreeg:
Onze potentiële leerlingen hebben in de Haarlemmermeer, zo leert ons dit staatje, 7% kans van slagen als ze een woning zoeken. Zeven procent! De jong gediplomeerden 10 % en ook de wat oudere, mogelijke medewerkers komen maar mondjesmaat aan een nieuwe woning.
Nu leert de ervaring dat mensen die ouder worden, vaak ook wat honkvaster zijn. Jongeren zijn echter op zoek naar kansen en die worden veelal toch buiten het ouderlijk nest gezocht. Gezien hun gemiddelde salaris, zullen ze zoeken naar betaalbare huurwoningen. Hypotheken zijn voor jonge starters zeker onbetaalbaar.
Het zou wel eens zo kunnen zijn dat het bieden van woonruimte de beste ingang is om in je werving van nieuwe medewerkers succesvol te zijn.
We moeten het maar eens hebben over een herwaardering van de zusterflat.
Abonneren op:
Reacties (Atom)


