maandag 26 juli 2021

Mag ik u voorstellen: het executive committee

 



Echt, ik probeer het te begrijpen.

Tekst: "VGZ benoemt chief people and sustainabiliy officer". Het werd nog fraaier, want, zo meldde de schrijver ons enthousiast, het executive committee, was nu compleet. Er waren immers al een CEO, een chief finance and risk, een chief transformation and information en een chief health officer...

De gelukkige die de rol van chief people and sustainability officer had verworven, was al eerder binnen de organisatie clusterleider "moeite met betalen".

Ik wil helemaal niets afdoen aan de, ongetwijfeld ruim beschikbare kwaliteiten van de verschillende personen in het leidinggevend kader van VGZ. Ik vraag me echter wel af voor wie een organisatie wordt ingericht. We hebben het hier over een verzekeringsbedrijf.

Ooit ontstonden de rudimentaire verzekeringsbedrijven doordat een aantal slimme individuen bedachten dat ze als individu of bedrijf minder risico liepen wanneer ze de risico's gezamenlijk op zich zouden nemen. De gedachte was simpel: omdat niet iedereen voortdurend en dezelfde ellende voor zijn of haar kiezen kreeg, kon je gezamenlijk de kosten voor zo'n individu dragen. Door het samen te doen, hielp je elkaar en voorkwam je voor jezelf onoverkomelijke ellende. Zo ontstonden de boerencoöperaties, banken en ook verzekeringen. Meestal lokaal en er kwamen enkele notabelen uit het dorp in het bestuur en, voilà, de gemeenschap kon weer vooruit: men kon investeren en grote(re) projecten aanpakken. 

Want je deed het samen.

Natuurlijk is dit beeld te kort door de bocht en valt er van alles op af te dingen, maar volgens mij klopt de grote lijn wel.

Banken groeiden en moesten, om de steeds grotere risico's te kunnen dragen, ook steeds meer opgaan in andere banken. Tenslotte waren dit nationale of zelfs in toenemende mate internationale bedrijven. Idem dito met de verzekeraars. En met de groei van deze bedrijven, ontstond geleidelijk ook steeds meer een andere doelstelling: het bedrijf zelf.... 

Daar is overigens niets verkeerd aan: iedereen heeft er belang bij als een bedrijf op een gezonde manier overleeft. Alleen, soms lijkt dit belangrijker te worden dan die eerste doelstelling: de (individuele) klant...

Dan heet het dat een bedrijf in zichzelf is gekeerd....

Ooit maakte het ziekenhuis waar ik werkte, een reorganisatie door. En opeens heetten de afdelingshoofden (of hoofdverpleegkundigen) ... werkplekmanager. Een slimme naam die precies paste in de nieuwe opzet van de organisatie.

Maar...

de patiënten en huisartsen bleven vragen naar het afdelingshoofd of de hoofdzuster...

We hebben drie jaar lang geprobeerd om het uit te leggen. Toen werden ze weer afdelingshoofd.

Begrijpt de gemiddelde klant van een zorgverzekeraar wat een "chief people and sustainability" of een "chief transformation and information" is en wat zij betekenen voor zijn polis bij deze verzekeraar?

Ik denk het niet.

Misschien moeten ze toch maar hoofd P&O en hoofd communicatie worden genoemd.

Maar wat nu een chief health officer doet? 

Is dat de bedrijfsarts?

maandag 5 juli 2021

Een eenvoudige schop


 

Ik wil u vragen om het afgebeelde voorwerp goed in u op te nemen. Het is namelijk een schop, een bijzondere uit de 19e eeuw. Inderdaad, geheel van hout.

Nu wil ik dat u uw ogen sluit nadat u de volgende alinea heeft gelezen:

Stel u voor: een eindeloze, modderige vlakte. Blubber en waterplassen zover het oog reikt, of je nu naar voren, naar links of naar rechts kijkt. Er lijkt geen einde aan te komen. Geen bomen, struiken, bebouwing, niets. Helemaal niets. Er heerst een stevige grondlucht en het enige dat je hoort is windgeruis en wellicht gezoem van muggen. Het is warm, het is wat heiig en de atmosfeer is ongekend vochtig.

….

Het is het beeld van de net droog gelegde Haarlemmermeer. Het is 1 juli 1852. De 3 enorme stoomgemalen vielen stil nadat ze ruim 3 jaar onafgebroken de waterplas, die zich uitstrekte van Leiden naar Haarlem en Amsterdam, hadden leeggezogen. Het immense meer had de bewoners aan de oevers eeuwenlang bedreigd: ze werd dan ook wel de waterwolf genoemd, beetje bij beetje (en soms heel veel beetjes) snoepte ze meer walkant af en werd het meer groter en groter. Uiteindelijk dreigde zelfs een doorbraak naar het IJ (een water dat zich in die tijd van Amsterdam naar Beverwijk uitstrekte), waardoor Amsterdam direct bedreigd werd door al dat water. Er moest dus wat gebeuren en het besluit werd genomen om de Haarlemmermeer droog te malen. Een plan waar al sinds de 17e eeuw over werd nagedacht, maar waar de techniek nu dan ook geschikt voor was.

En nu was het dan gebeurt. Het meeste water was weg en eindeloos nieuw land strekte zich voor de ogen van degenen die op de ringdijk stonden uit. Het land was onbruikbaar: te waterig, te modderig en daardoor te ruig.

We komen bij de schop van de afbeelding.

Een grote groep mannen, gezien de tijd zullen het alleen mannen zijn geweest, stond klaar op de ringdijk en ze kregen deze schop in hun handen gedrukt.

Er moesten namelijk afwateringskanalen worden gegraven. Om te beginnen een vaart die de Hoofdvaart genoemd zou gaan worden: deze loopt van gemaal Lynden (in het zuiden) naar gemaal Leeghwater (in het noorden). De vrijwel kaarsrechte vaart werd 2,5 meter diep en 20 kilometer lang.

Uitgegraven door mannen met een houten schop, zoals deze en eenvoudige kruiwagens met houten wielen, om de modder af te voeren.

Na de hoofdvaart volgden vele aftakkingen door de hele Haarlemmermeer, zodat het water steeds kon worden afgevoerd door de drie stoomgemalen aan de ringvaart. We kijken er niet eens meer naar, maar iedere vaart en heel veel sloten zijn uitgegraven door mannen met behulp van deze schop en kruiwagens. Meter voor meter, schop modder voor schop modder, volle kruiwagen voor volle kruiwagen…Bedenk daar ook nog eens bij dat het voortduwen van een kruiwagen (met houten wiel) door de modder alleen lukt als er een smalle, houten plank was neergelegd. Het was een krachttoer, naast een vorm van evenwichtskunst.

De schop hangt nu bij ons aan de muur van de belevingstuin van zorgcentrum Horizon in Hoofddorp, midden in de Haarlemmermeer, samen met allerlei gereedschappen die door de boeren in de Haarlemmermeer werden gebruikt.

Beschouw het maar als een ode aan die mannen waarvan niemand de namen meer kent.

vrijdag 2 juli 2021

Kop van Jut



Eén van de eerste dingen die ik heb geleerd op een mediatraining is altijd ALTIJD om inzage te vragen in het artikel dat gaat worden gepubliceerd of om het inzien van de opname die zal worden gebruikt voor uitzending. 

Ik ben niet beroemd of berucht en maar zelden onderwerp van belangstelling van het journaille en toch is bovenstaande vraag nooit een probleem geweest. En ja, er konden correcties worden uitgevoerd, waarbij de journalist wel zijn of haar journalistieke vrijheid wenste te behouden. 

Afgelopen week heeft het mannenbolwerk "Geen Stijl" haar nieuwe kop van Jut: Sigrid Kaag voor de leeuwen gegooid met onthullingen over een documentaire die van de D'66 voorvrouw is gemaakt tijdens de verkiezingen. En ja, natuurlijk dook de tweelingbroer van Geen Stijl, de Telegraaf, hier bovenop en vervolgens rolde zo ongeveer het complete journaille van zowel radio, televisie als papier in deze komkommertsunami mee.

Kaag haar kop moet rollen en de aanvallen zijn ongekend en fel.

Ik walg ervan.

Bevreesd duikt iedereen die tegenwicht zou kunnen bieden weg en vervolgens zit ik avondenlang te kijken naar een discussie over een gordel die tijdens een opname van een autorit niet werd gedragen. En verrek, iedereen vindt hier dan ook weer wat van.

Wat is er toch aan de hand in ons land? Er is een politica, nogmaals niet van mijn partij, die verstandige dingen zegt, die oproept tot matiging in de maar voortdurende polarisatie van kleingeestige meningen en ja hoor, bakken met vuil krijgt ze over zich heen gestort. Tot in de kamer toe, waar ze, je gelooft gewoon je oren niet, doodleuk wordt beschuldigd een soort terroristenvriendin te zijn. En een kamervoorzitter die weigert in te grijpen.

Lieve lezers, er was één (EEN!) politica, ook weer niet mijn partij, die het lef opbracht het debat te verlaten omdat ze onder deze condities niet verder wenste te gaan.

Het is niet nieuw dat GeenStijl en de Telegraaf linkse, moedige vrouwelijke politica op ongehoorde wijze de modder in proberen te trappen: Femke Halsema weet hier alles van, maar wat mij echt verbaasd is de laffe, kleingeestige meepraterij van werkelijk alles wat zich journalist noemt: links, rechts, van het midden. Tjongejonge, jongejonge, ons land schudt op zijn grondvesten:

Dat het verzoek is gedaan om de naam van een kamerlid die door een gefrustreerde Kaag wordt bespot, in de documentaire wordt weggelaten (omwille van de verhoudingen); dat beelden van het drinken van champagne worden weggelaten. Niet omdat Kaag stomdronken voor de camera staat, maar omdat het wellicht, mogelijk een verkeerd beeld zou kunnen geven.

Het zijn nogal wereldschokkende onthullingen.

Dat hier wellicht, vanuit journalistieke spelregels, zaken soms minder scherp zijn gehouden dan misschien had gemoeten, laat dat vooral een discussie zijn tussen de redactie, de betreffende documentairemaker en een paar journalisten. Wijdt op pagina 12 van de krant een paar regels aan deze discussie. Maar hou op net te doen of onze parlementaire democratie door deze documentaire op instorten is komen te staan. Laten we ophouden om op alles wat Kaag doet en zegt een vergrootglas te leggen die in geen enkele verhouding staat tot de werkelijkheid. Laten we toch eindelijk eens accepteren dat ook vrouwen in de politiek een belangrijke rol kunnen spelen en zelfs mogelijk minister president zouden kunnen worden. Laten we toch eens ophouden te denken dat hoge bomen veel wind vangen en daarom maar moeten accepteren dat het geoorloofd is om hen zonder enige gene op de huid te zitten. 

Laten we toch eens beginnen om een beetje vriendelijk te zijn voor elkaar.