maandag 16 september 2019

Mensenwerk




Tijdens mijn accreditatiegesprek, ontstond discussie over mijn rol in de zorginstelling waar ik leiding aan geef. Dit is een zeer kleine instelling met 2 lokaties en zo 'n 250 medewerkers. Zorgbestuurders vragen ook altijd naar de hoogte van het jaarlijkse budget (omzet zou een betere term zijn) en die is voor deze instelling ongeveer € 10 miljoen.

In het Nederlandse zorglandschap ben je dan echt een "kleintje".

De vraag ontstond of ik derhalve wel voldoende aan mijn bestuurlijke taken toekwam of dat ik meer op een directiepost zit.

Ik zal dit uitleggen.

Omdat de organisatie zo klein is, zit ik vrij dicht op de dagelijkse werkzaamheden. In gewichtiger taal: de operatie. Juist omdat ik als bestuurder mezelf toegankelijk opstel, word ik regelmatig betrokken bij het wel en wee van de dagelijkse beslommeringen. De planningsproblemen door het hoge ziekteverzuim, de problemen met één van de medewerkers, de capaciteitsdiscussie omdat de wachtlijsten groeien... Kortom, de dagelijkse vraagstukken waar iedere leidinggevende over het algemeen zijn dagen mee kan vullen.

Ik heb ook gewerkt voor zeer grote organisaties. Dan hebben we het over instellingen met 1000 tot zelfs bijna 6000 medewerkers. Het gemiddelde jaarbudget waarover ik in die instellingen verantwoordelijk was, was veelal een veelvoud van het jaarbudget van "mijn" huidige instelling. Ik had een kantoor in het hoofdgebouw met bestuurders, andere directeuren en meestal een hele reeks aan stafafdelingen. De dagelijkse gang van zaken in de thuiszorgteams en/of verpleeghuizen die onderdeel waren van de instelling, ontging mij grotendeels.

Nog maar recent merkte ik op naar een collega die mij wat verwonderd bevroeg over mijn stap naar de rol van bestuurder in zo'n kleine organisatie: "Ik heb nog niet eerder moeten werken met zo'n klein budget, maar met zoveel verantwoordelijkheid.."

En dat is precies waar het over gaat.

Ik heb de afgelopen jaren hard gewerkt om in mijn huidige organisatie de directielaag te kunnen verwijderen. Dat is me gelukt omdat ik inmiddels een aantal zeer goede operationeel leidinggevenden heb die uitstekend in staat zijn om de dagelijkse gang van zaken in de organisatie aan te sturen. Die hierin intensief met elkaar samenwerken. Die mij de ruimte geven om in de verschillende netwerken waar onze organisatie zich in begeeft, actief te zijn.

Zo actief, dat onze zorginstelling, ondanks haar geringe grootte, gezien en gewaardeerd wordt. Dat we betrokken worden bij tal van initiatieven en men graag met ons samenwerkt. Omdat we ons niet gedragen als concurrent, maar als partner.

En ja, ik weet heel goed wat er speelt in de organisatie. Ik weet dat één van onze wijkverpleegkundigen nog maar kort geleden een dochter heeft gekregen. Dat er een aantal betrokken medewerkers binnenkort hun opleiding naar EVV'er afronden. Dat we zorgen hebben over de geringe instroom van nieuwe vrijwilligers. Dat er een medewerker toch weer langdurig is uitgevallen door problemen thuis.

Allemaal zaken die ik in die grote organisaties veel oppervlakkiger of helemaal niet wist.

Die me voortdurend doen beseffen dat we te maken hebben met mensenwerk.

Met mooie mensen.

En ik ken ze.

En zij kennen mij.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten