woensdag 23 oktober 2019
Een medicijn tegen dementie!
Het haalde de kranten en het televisiejournaal: er komt een medicijn op de markt wat het dementeringsproces zal vertragen.
Natuurlijk is het prachtig nieuws, als er inderdaad een dergelijk medicijn beschikbaar komt en al helemaal als dat ook nog eens betaalbaar blijkt te zijn. Als ik de berichten goed heb gelezen, zijn op al deze punten nog wel de nodige haken en ogen. Zo is er nog enige scepsis of het medicijn inderdaad gaat werken: de fabrikant heeft het onderzoek naar dit specifieke medicijn nog in maart van dit jaar stopgezet omdat de uitkomsten uitbleven. Inmiddels heeft men bij een groep patiënten hetzelfde medicijn nog een keer toegepast, maar dan in een hoge dosering en hier zou voldoende resultaat zichtbaar zijn geweest. Onzeker is ook of de Amerikaanse en Europese autoriteiten de toelating van het medicijn zullen goedkeuren: er zouden wellicht nog teveel onzekerheden zijn en het zou waarschijnlijk opnieuw een erg duur medicijn zijn. Tenslotte is wel al zeker dat het medicijn het dementeringsproces niet stopt, maar vertraagt; dat het alleen werkt bij mensen met een beginnende vorm van dementie en dat het dan ook nog eens alleen werkt bij de ziekte alzheimer en niet bij alle andere vormen van dementie.
Ondanks al deze beperkingen en mitsen en maren, blijft het verheugend dat er blijkbaar eindelijk een medicijn is gevonden dat daadwerkelijk ingrijpt in het proces van alzheimer. Dat zou een enorme doorbraak zijn.
Het levert, heel zachtjes op de achtergrond, ook nieuwe puzzels op.
In al onze beschouwingen over de komende vergrijzing, is één van de meest dominante zorgen, de exponentiële toename van het aantal mensen met één of andere vorm van dementie. Deze snel groeiende groep geeft vele hoofdbrekens bij mensen die iets verder denken dan de komende 10 tot 15 jaar. Is het bijvoorbeeld noodzakelijk om meer intramurale capaciteit te ontwikkelen omdat we weten dat het samenleven met een partner met dementie op de langere duur voor de meeste mensen onmogelijk is. Het vereist namelijk 7 X 24 uur een voortdurende alertheid bij een partner die ook steeds meer daadwerkelijke zorg nodig heeft. Het arbeidsmarktvraagstuk en haar sombere prognoses, is voor een belangrijk deel gebaseerd op de aanname dat we, met de groeiende groep mensen met dementie, steeds meer goed opgeleide mensen nodig hebben in de zorg.
En ga zo maar door.
Of, omgekeerd, zal dit minimale lichtpuntje niet politiek worden uitgebuit om iedere discussie over de noodzakelijke capaciteit in de toekomst, in de kiem te smoren? De zorg voor onze ouderen eist al steeds meer van onze belastingcenten en verzekeringspremies: iedere mogelijkheid om hier een rem op te zetten zal mogelijk worden benut. Het geld kan nu eenmaal maar één keer worden uitgegeven en investeringen in bouw zijn dure en langlopende kostenposten.
Het is uiteindelijk nog teveel koffiedikkijken. Partijen zullen blijvend tot elkaar veroordeeld zijn om in een continue proces van analyse, overleg en besluitvorming, stap voor stap de toekomst tegemoet te treden. Een toekomst die niemand kent en een toekomstverwachting die ook opeens radicaal kan wijzigen.
Ondertussen hoop ik van ganser harte dat er inderdaad een medicijn wordt ontwikkeld die dementie tegengaat of zelfs kan stoppen.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)

Geen opmerkingen:
Een reactie posten